REGELS RUITERS

ALGEMEEN

  1. Aanwijzingen van ondernemer, instructeurs en personeelsleden van het ruitersportcentrum dienen altijd opgevolgd te worden.
  2. Bij het rijden dienen alle ruiters een goed passende veiligheidshelm met CE-markering en EN-138:2012 teken met gesloten kinband te dragen. Het dragen van een bodyprotector is vooralsnog niet verplicht, maar wordt wel door No Limits Noordwijk geadviseerd. Let er bij de aanschaf op dat de bodyprotector voldoet aan de Europese richtlijnen van de veiligheid (CE-markering EN-13158:2000)
  3. Bij het rijden dienen alle ruiters rijlaarzen te dragen of stevige schoenen met een gladde doorlopende zool en een hak, gecombineerd met chaps. De rijlaarzen of schoenen dienen ruim in de stijgbeugels te passen.
  4. Het gebruik van een zweep tijdens de rijlessen of buitenritten wordt bepaald door instructeur of andere personeelsleden van No Limits Noordwijk.
  5. Ruiters mogen geen grote, uitstekende en/of loshangende sieraden en losse kleding dragen.

 

RIJBAAN

  1. Het voornemen om in of uit de rijbaan te gaan, moet luid worden gevraagd en aangekondigd, door bijvoorbeeld “deur vrij!” te roepen.
  2. Op- en afstijgen dient gestructureerd op de AC-lijn te gebeuren onder toezicht van de instructeur. De paarden dienen op voldoende afstand van elkaar te staan en met de hoofden in dezelfde richting. Beginners moeten altijd onder begeleiding én met behulp van een speciaal daarvoor bestemd opstapblok opstappen.
  3. Indien een ruiter of menner alleen in de rijbaan rijdt, dient deze een mobiele telefoon bij zich te dragen. Schakel het geluid van de mobiele telefoon tijdens de rit uit, in verband met mogelijke schrikreacties van het paard.
  4. Tijdens het rijden of mennen dient de rijbaan gesloten te zijn.
  5. Wanneer No Limits Noordwijk toestaat dat er gelongeerd wordt in de rijbaan dan mag dit alleen wanneer er zich geen ruiters of menners in die rijbaan bevinden.
  6. Voorrangregels in volgorde van prioriteit:
  7. De combinatie die op de linkerhand rijdt heeft voorrang bij het elkaar passeren op de hoefslag (dus rechts houden).
  8. Stappen doen we op de binnen hoefslag
  9. De combinaties mogen elkaar niet snijden en moeten elkaar de ruimte geven bij het passeren.
  10. Het springen over een hindernis moet worden aangekondigd als er ook andere ruiters in de rijbaan rijden, door bijvoorbeeld “hindernis vrij!” te roepen.
  11. Daar waar een snelheidselement aanwezig is, zijn menners en overige opzittende ook verplicht een veiligheidshelm te dragen.

 

BUITENRITTEN

  1. De huisregels en rijbaanregels gelden ook voor het buiten rijden, voor zover van toepassing.
  2. Het is aan de instructeur van No Limits Noordwijk om te beoordelen of een ruiter voldoende gekwalificeerd is om in een groep een buitenrit te maken (openbare weg of natuurgebied).
  3. De begeleider is een ruiter van No Limits Noordwijk die, naast voldoende kennis en ervaring om leiding te geven aan een groep, tevens in het bezit is van een instructeursdiploma of geldig ruiterbewijs. Tevens dient hij goed bekend te zijn met de te rijden route.
  4. De begeleider moet de ruiters van de groep voor vertrek instrueren over de commando’s die onderweg worden gegeven en over algemene gedragsregels bij een val van een ruiter, e.d..
  5. Tijdens de buitenrit blijven de paarden achter elkaar lopen met een paardslengte afstand en is inhalen niet toegestaan.
  6. De begeleider beschikt over een mobiele telefoon met het alarmnummer en de nummers van de manege en de dierenarts. Het gebruik van een mobiele telefoon door de ruiters is tijdens het rijden niet toegestaan.
  7. De begeleider heeft een reserve beugelriem en een scherp zakmes bij zich.
  8. Een groep die naar buiten gaat mag niet groter zijn dan 6 ruiters in totaal met 1 begeleider. Bij grotere groepen moeten er meerdere begeleiders mee.
  9. Bij het rijden in het donker of schemer dient de ruiter de wettelijk verplichte verlichting te voeren. De ruiter moet licht voeren dat rood licht naar achteren straalt en wit of geel licht naar voren.
  10. Het dragen van reflecterend materiaal door paard en ruiter wordt bij het rijden in het schemer en donker sterk aanbevolen.
  11. Bij buitenritten met minder ervaren ruiters is de aanwezigheid van een ervaren ruiter gewenst, ter ondersteuning van de begeleider van de groep.
  12. Gedragsregels voor buiten rijden:
  13. We zijn te gast in de natuurgebieden en we volgen dus de aanwijzingen op van onze gastheren
  14. Jonge aanplant moet bos worden; rijd er niet doorheen
  15. Laat je paard niet grazen en ook niet knabbelen aan struik of boom
  16. Houd altijd zoveel mogelijk rekening met andere recreanten. We passeren wandelaars , ruiters en aanspanningen altijd stapvoets en met de zweep aan de buitenkant
  17. Een goede ruiter rookt niet en het is bovendien verboden i.v.m. brandgevaar!
  18. Tips voor buiten rijden:
  19. Steek met een groep zoveel mogelijk in linie de weg over, dus allen tegelijk naast elkaar
  20. Geef altijd richting aan door uw hand uit te steken.
  21. Rijd geconcentreerd, let op signalen van je paard en van ander verkeer.
  22. Ruiters en menners moeten zich altijd aan de verkeersregels houden, op de openbare weg zijn ruiters en menners bestuurders.
  23. Vraag bestuurders van grote voertuigen langzamer te rijden door uw arm langzaam op en neer te bewegen, let op signalen van uw paard en van ander verkeer.
  24. Rij in de berm van de weg, behalve als daar een verbod geldt.
  25. Onderschat nooit de kracht, het gewicht en de karaktereigenschappen van paard of pony. Wees er voortdurend op attent dat een paard een eigen reactie heeft en ga nooit achterstevoren op een paard zitten.